Gezondheidsmonitor
8 Leefstijl.svg

Onder genotmiddelen verstaan we middelen zoals tabak, alcohol en drugs. Het gebruik van genotmiddelen zorgt vaak voor een aangename of stimulerende werking op korte termijn. Tegelijkertijd heeft het gebruik een negatief effect op de gezondheid. Daarbij zijn genotmiddelen vaak verslavend.

Het is daarom van groot belang dat Midden-Delfland blijft inzetten op de preventie van roken en het gebruik van alcohol en drugs. Hierbij zijn handhaven van regelgeving en het houden van toezicht van groot belang. Daarnaast is (blijvende) inzet nodig voor een gerichte aanpak bij reeds bestaande problematiek. Vanuit de focus op gezondheidspotentieel raadt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid1 aan om beleidsaandacht te richten op roken en overmatig alcoholgebruik.

Roken

Roken is het direct inhaleren van tabaksrook. Meeroken is het inademen van tabaksrook uit de omgeving door niet-rokers (passief roken). Van alle genotmiddelen veroorzaakt roken de grootste ziektelast in Nederland. Zo is roken verantwoordelijk voor een groot deel van de sterfgevallen aan longkanker en voor de ziektegevallen van COPD (chronische bronchitis en longemfyseem). Daarnaast verhoogt roken de kans op meerdere aandoeningen, zoals hart- en vaatziekten en diabetes.

De negatieve gezondheidseffecten van roken gelden ook voor meerokers. Het beschermen tegen het beginnen met roken en het stoppen met roken leveren dus gezondheidswinst op voor een veel grotere groep dan de rokers alleen. Bij jongeren is in de afgelopen jaren een daling te zien in het rookgedrag2. Om deze gunstige trend voort te zetten is blijvende actie nodig.

In Midden-Delfland rookt 16% van de inwoners van 19 jaar en ouder. Dit zijn zowel dagelijkse rokers als gelegenheidsrokers. Dit percentage is vergelijkbaar met Zuid-Holland West en lager dan in Haaglanden en Nederland3.

Van de jongeren (12 tot en met 18 jaar) uit Midden-Delfland heeft 10% ooit gerookt en rookt 4% regelmatig (wekelijks). Van de jongeren wordt 7% thuis aan tabaksrook blootgesteld4.

Zie de Gezondheidsmonitor 2018.

Alcohol

Het drinken van alcohol brengt verschillende gezondheidsrisico’s met zich mee. Vooral op jonge leeftijd is alcoholgebruik schadelijk. Jongeren zijn gevoeliger voor de risico’s van alcohol, omdat hun lichaam en brein nog in ontwikkeling zijn. Het lichaam en/of brein kan daarom niet alleen schade oplopen, maar ook in de ontwikkeling worden gestoord. Dit kan zich bijvoorbeeld uiten in gedragsproblemen of in een hogere gevoeligheid voor alcoholverslaving op latere leeftijd5. Het beschermen tegen alcoholgebruik op jonge leeftijd levert dus een groot potentieel aan gezondheidswinst.

- Ruim een derde van de inwoners (19 jaar en ouder) van Midden-Delfland voldoet aan het advies geen of maximaal één glas alcohol per dag te drinken (36%). In Haaglanden voldoet 45% aan dit advies.
- Het percentage zware drinkers (van 19 jaar en ouder) is in Midden-Delfland 10%. Dit betekent wekelijks op minstens één dag minimaal zes glazen (mannen) of vier glazen (vrouwen) alcohol. In Haaglanden is dit 9%.
- Het percentage overmatige drinkers is 19%. Dit betekent voor mannen meer dan 14 glazen per week en voor vrouwen meer dan 7 glazen per week. In Haaglanden is dit 17%.3
- Het percentage overmatige drinkers is voor wat betreft de doelgroep ouderen het hoogst bij de 65 tot en met 74-jarigen (27%).
- Iets meer dan een vijfde van de jongeren van 12 tot en met 18 jaar (22%) heeft in de afgelopen vier weken aan binge drinken gedaan. In Haaglanden was dit 17%. Dit betekent dat zij vijf of meer glazen dronken bij een gelegenheid.4

Zie de Gezondheidsmonitor 2018.

Drugs

Drugs zijn middelen die de hersenen prikkelen, waardoor er geestelijke en lichamelijke effecten optreden. Dit wordt ook wel de psychoactieve werking genoemd.  Drugsgebruik brengt verschillende (korte en lange termijn) gezondheidsrisico’s met zich mee, afhankelijk van het type drugs dat wordt gebruikt. Bij jongeren, die veel uitgaan en vrienden hebben die drugs gebruiken, wordt door relatief een groot deel drugs gebruikt6. In een preventieve aanpak is daarom aandacht voor bijvoorbeeld groepsdruk relevant.

- In Midden-Delfland heeft 6% van de volwassenen (19 tot en met 64 jaar) het afgelopen jaar cannabis gebruikt. Dat is lager dan in Haaglanden (9%).
- Het percentage inwoners in Haaglanden dat in het afgelopen jaar cannabis heeft gebruikt is het hoogst bij 19- tot en met 34-jarigen (18%).3
- In Midden-Delfland gebruikte 8% van de jongeren (12 tot en met 18 jaar) ooit softdrugs (cannabis of wiet). Dit is in Haaglanden 10%.
- Het percentage jongeren in Midden-Delfland dat ooit harddrugs (XTC (ecstasy, MDMA), cocaïne, paddo’s, amfetamine (uppers, pep of speed), LSD, GHB, lachgas en heroïne) heeft gebruikt is 5%. In Haaglanden is dit 4%.

Zie de Gezondheidsmonitor 2018.

Continueren bestaande aanpak genotmiddelen

Midden-Delfland heeft een werkgroep genotmiddelen, waarin de gemeente samenwerkt met Brijder Verslavingszorg, JGZ Zuid-Holland West, het Maatschappelijk Team en GGD Haaglanden. De werkgroep zet zich in voor de uitvoering en coördinatie van interventies en activiteiten ter preventie van genotmiddelengebruik (roken, alcohol en drugs) door jongeren, zoals die zijn weergegeven in het Actieplan 2017-20187. Activiteiten richten zich op kinderen, ouders en professionals. Daarbij ligt er nadruk op minder schadelijk alcohol- en drugsgebruik.

Landelijke regelgeving kan helpen bij de lokale inzet rond genotmiddelenpreventie. Naast schoolgebouwen moeten ook schoolpleinen vanaf 2020 geheel rookvrij zijn. Als Midden-Delfland inzet op een Rookvrije Generatie stimuleert dat onder andere het niet roken op plaatsen waar kinderen opgroeien en bewegen. Denk aan sportterreinen, speeltuinen en kinderboerderijen. Het draagt bij aan bewustwording en gezond gedrag. Open communicatie stimuleert ook een aanspreekcultuur, waarbij roken in de nabijheid van kinderen als ongewenst kan worden aangegeven.

Integrale aanpak roken- alcohol- en drugsbeleid

De kern van effectief genotmiddelenbeleid en de uitvoering ervan ligt in de samenhang tussen een viertal beleidspijlers:

  1. voorlichting & educatie
  2. signalering, advies & ondersteuning
  3. fysieke & sociale omgeving 
  4. regelgeving, toezicht & handhaving

Genotmiddelengebruik en problemen door (overmatig) gebruik zijn altijd het resultaat van een combinatie van factoren. De persoon, zijn sociale en fysieke omgeving (denk ook aan reclame), de beschikbaarheid van genotmiddelen en het overheidsbeleid vormen samen een systeem dat uiteindelijk het gedrag van de gebruiker bepaalt. Daarnaast spelen ook het toezicht houden op en handhaving van de verschillende wetten rondom het gebruik van genotmiddelen een belangrijke rol.

Genotmiddelenpreventie zou niet alleen op het individu gericht moeten zijn. Het meest succesvol zijn strategieën die vooral de omgeving van de gebruiker beïnvloeden en de potentiële gebruiker beschermen tegen het beginnen met gebruik van genotmiddelen. Vaak wordt dan ook gekozen voor een omgevingsgerichte aanpak, waarbij deze pijlers in een bepaalde setting (bijvoorbeeld school, sportkantine, evenement, openbare ruimte) in samenhang worden ingezet. Denk bijvoorbeeld aan de Gezonde School8.

Naast het inzetten op de genoemde pijlers is het van belang om adequaat te reageren op problemen die ontstaan bij genotmiddelengebruikers. Het vroegtijdig herkennen van deze problemen en aansluitend de juiste advisering en ondersteuning bieden, voorkomen dat zwaardere vormen van zorg nodig zijn.

Gerelateerde beleidsterreinen

  • Onderwijs
  • (Jeugd)zorg
  • Openbare orde en veiligheid
  • Seniorenbeleid

Advies verdere inzet

Het voortzetten van een integrale preventieve aanpak van genotmiddelengebruik is nodig om de effecten van de gedane inspanningen te vergroten. Dit betekent ook samenwerken met regelgeving en handhaving en samenwerken met partijen waar de (risico) doelgroepen te vinden zijn.

Een effectieve aanpak vraagt een lange adem. Een integrale aanpak is ook in lijn met de prioriteit die landelijk aan dit onderwerp wordt gegeven (Nationaal Preventieakkoord). Daarbij moet rekening worden gehouden met de reden achter het gebruik van genotmiddelen, de risico’s van de verschillende middelen en de levensfase waarin deze middelen worden gebruikt. Dit geldt zeker bij mensen die kwetsbaar zijn voor het gebruik van genotmiddelen.

Referenties

  1. Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (2018), Van verschil naar potentieel  - www.wrr.nl/publicaties/policy-briefs/2018/08/27/van-verschil-naar-potentieel.-een-realistisch-perspectief-op-de-sociaaleconomische-gezondheidsverschillen
  2. De Gezondheidsmonitor 2018, GGD Haaglanden - gezondheidsmonitor.ggdhaaglanden.nl/gemeenten/midden-delfland/themas/leefstijl/roken 
  3. Gezondheidsenquête 2016, GGD Haaglanden
  4. Jongerenenquête 2015, GGD Haaglanden
  5. Volksgezondheid en Zorg. Alcoholgebruik en Gezondheid - www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/alcoholgebruik/cijfers-context/gevolgen#node-alcoholgebruik-en-gezondheid
  6. RIVM: Centrum Gezond Leven (CGL). Loket gezond leven: gevolgen van drugsgebruik - www.loketgezondleven.nl/gezonde-gemeente/drugs/cijfers-en-feiten/gevolgen-van-drugsgebruik-voor-de-gezondheid
  7. Aanvraag preventiebudget 2017-2018, Gemeente Midden-Delfland, JGZ Zuid-Holland West, Brijder jeugd, GGD Haaglanden
  8. www.gezondeschool.nl
Deel dit artikel
Print dit artikel
Download meerdere kernboodschappen en publicaties