Gezondheidsmonitor
4 Lichamelijke gezondheid.svg

Seksuele gezondheid is een breed onderwerp. Het gaat over gezonde seksuele relaties, voorkomen van seksueel geweld, voorkomen van ongewenste zwangerschappen en voorkomen van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa). De seksuele gezondheid is in Nederland bovenge­middeld goed. Toch veroorzaken soa, hiv, ongewenste zwangerschap en seksueel geweld nog steeds veel problemen en ziektelast1.

Uit de gezondheidsmonitor van Den Haag is bekend dat in 2016 bijna 5.700 Haagse inwoners voor een soa-consult naar het Centrum Seksuele Gezondheid (CSG) GGD Haaglanden gingen. Het CSG Haaglanden heeft in 2016 bij 16,7% van de soa consulten minimaal één Big Five soa (chlamydia, gonorroe, syfilis, hiv of hepatitis B) gevonden2.

Seksuele gezondheid

Voor Den Haag is seksuele gezondheid meer dan de afwezigheid van ziekte, disfunctie of een gebrek. Het is een belangrijk onderdeel van het Haagse volksgezondheidsbeleid. De gemeente wil dat alle Hagenaars, ongeacht sekse, opleidingsachtergrond, culturele of etnische achtergrond, zelf gezonde seksuele keuzes kunnen maken. Keuzevrijheid, autonomie, weerbaarheid en het respecteren van elkaars wensen en grenzen zijn daarbij sleutelbegrippen.

Seksueel gedrag is schadelijk als het gedrag niet veilig, niet vrijwillig, niet prettig of niet gewenst is en als het de gezondheid, het recht op vrije keuze en het maatschappelijk functioneren in gevaar brengt.

Dat geldt voor ongewenste seks, onveilige seks met risico op ongewenste zwangerschap, ongewild (jong) ouderschap en abortus en onveilige seks met risico op hiv of andere soa’s.

Daarnaast zijn er ook niet-seksuele gedragingen, die schadelijke effecten op de seksuele gezondheid en welzijn hebben: intolerantie voor seksuele diversiteit en vrouwelijke genitale verminking. In Den Haag wordt door verschillende organisaties op bovengenoemde punten ingezet.

Seksuele en relationele vorming

Adequate seksuele en relationele vorming bereidt kinderen en jongeren voor op de verschillende seksuele ontwikkelingsfasen waarin telkens andere aspecten aandacht vragen. Het gaat ook over hoe met elkaar om te gaan. Hierbij wordt ook grensoverschrijdend gedrag besproken. Behalve ouders heeft het onderwijs een belangrijke taak in de seksuele vorming en opvoeding van kinderen en jongeren. Het is sinds 2012 voor primair onderwijs, speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs verplicht aandacht te besteden aan seksualiteit en seksuele diversiteit3.

In Den Haag lopen er vanuit GGD Haaglanden diverse activiteiten op het gebied van seksuele en relationele vorming. GGD Haaglanden werkt daarin samen met onder andere het Jongeren Informatie Punt (JIP) Haaglanden, Centrum GGZ, MEE en COC Haaglanden om op primair en voorgezet onderwijs seksuele voorlichting te geven.

Preventie, opsporing en behandeling van soa en hiv

De Haagse huisartsen vormen de toegangspoort voor inwoners van Den Haag om zich te laten testen op soa en hiv. Het Centrum Seksuele Gezondheid (CSG) GGD Haaglanden biedt aanvullende zorg voor specifieke doelgroepen die een hoger risico lopen op soa en hiv, zoals mannen die seks hebben met mannen, jongeren, sekswerkers, migranten en statushouders.

Preventie van ongewenste zwangerschap

Niet alle vrouwen hebben toegang tot anticonceptie of maken hierin een verantwoorde keuze. De anticonceptiecounseling in de eerstelijnszorg is beperkt en is nog vrij traditioneel gericht op de anticonceptiepil. Met name laag opgeleide vrouwen, jonge starters, Surinaamse vrouwen, Antilliaanse vrouwen en vrouwen uit sub-Sahara Afrika lopen risico op een ongewenste zwangerschap4. In Nederland is het abortuscijfer het hoogst onder vrouwen uit de Nederlandse Antillen (31,6‰) en Suriname (26,9‰), en het laagst onder Nederlandse vrouwen (6,2‰)5.

In de Haagse situatie is van de 525.745 inwoners 9% Surinaams (47.317 inwoners) en daarmee zijn zij de grootste groep inwoners van een niet-Nederlandse afkomst. Verder is 2% van de inwoners in Den Haag van Antilliaanse afkomst (2.624 inwoners)6. Andere kwetsbare groepen voor ongewenste zwangerschap zijn vluchtelingen en migranten. Zij hebben beperkte toegang tot informatie en anticonceptiemiddelen. Ook vrouwen met een lage sociaal-economische status, psychische problematiek of een verslaving, of (licht) verstandelijk beperkten blijken eveneens een kwetsbare groep voor onbedoelde zwangerschap.

Voor anticonceptieconsulten kunnen vrouwen en mannen terecht binnen de reguliere zorg (eerstelijnszorg, verloskundigen, abortusklinieken, gynaecologen) en binnen de aanvullende voorzieningen van de CSG’s.

Advies verdere inzet

In deze kernboodschap vragen we onder andere aandacht voor preventie, opsporing en behandeling van soa/hiv en preventie van ongewenste zwangerschap.

Dit vertaalt zich concreet naar de volgende mogelijke acties:

  • De preventie, opsporing en behandeling van hiv behoeven verdere versterking. Het tijdig opsporen en behandelen van (acute) hiv-infecties zal leiden tot minder hiv-besmettingen: ‘Treatment as Prevention’. De preventie intensiveren kan door nieuwe effectieve biomedische preventiestrategieën zoals PrEP. Dit staat voor Pre-Expositie Profylaxe. Het is een middel in tabletvorm ter preventie van hiv. PrEP is een geschikte, extra preventieoptie voor mensen die een 'substantieel risico' op een hiv-infectie lopen. PrEP wordt vanaf 2019 vergoed in Nederland.
  • Een integrale aanpak versterkt het voorkómen van ongewenste zwangerschappen. Dit wordt ook landelijk gestimuleerd vanuit het programma 'Nu Niet Zwanger'. Dit programma zet in op intensieve begeleiding van (potentiële) ouders met een verhoogde kwetsbaarheid. Vaak komt dit door een combinatie van psychiatrische problemen, een verstandelijke beperking, verslaving, dakloosheid, schulden, problemen met loverboys of illegaliteit.
  • De inzet is om te komen tot een sluitend 'vangnet' rondom het voorkomen van ongewenste en ongeplande zwangerschappen. Betrokken hulpverleners maken het bespreekbaar maken van kinderwens, seksualiteit en anticonceptie en het begeleiden van kwetsbare burgers tot een regulier onderdeel van hun werk.
  • Een essentieel onderdeel voor een succesvolle aanpak van het programma 'Nu Niet Zwanger' is de samenwerking binnen de lokale keten en het nemen van verantwoordelijkheid door professionals die met de doelgroep werken7. Pilots in onder andere Tilburg en Rotterdam hebben bewezen dat intensievere anticonceptiecounseling effectief kan zijn.

Referenties

  1. Nationaal Actieplan soa, hiv en seksuele gezondheid 2017-2022, RIVM, 2018, p.13 - www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/2018-0034.pdf
  2. Gezondheidsmonitor - gezondheidsmonitor.ggdhaaglanden.nl/gemeenten/den-haag/themas/lichamelijke-gezondheid/seksueel-overdraagbare-aandoeningen-soa
  3. zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2012-470.html
  4. Seksuele Gezondheid in Nederland/Leefstijlmonitor: Rutgers i.s.m. RIVM, 2017 - www.rutgers.nl/feiten-en-cijfers/seksuele-gezondheid-en-gedrag/seksuele-gezondheid-nederland-2017
  5. Landelijke abortus registratie 2015 - www.rutgers.nl/sites/rutgersnl/files/PDF/LARrapportage2015.pdf
  6. Gemeente Den Haag, Dienst Burgerzaken. Den Haag in Cijfers. (Gezondheidsmonitor) - gezondheidsmonitor.ggdhaaglanden.nl/gemeenten/den-haag/themas/bevolking/bevolkingsomvang-en-samenstelling
  7. Nu Niet Zwanger - www.ggdghorkennisnet.nl/thema/nu-niet-zwanger

 

Deel dit artikel
Print dit artikel
Download meerdere kernboodschappen en publicaties