Gezondheidsmonitor
4 Lichamelijke gezondheid.svg

Deze tekst beschrijft de aantallen en kenmerken van de bezoekers van het Centrum Seksuele Gezondheid (CSG) GGD Haaglanden afkomstig uit Rijswijk en de gegevens van een aantal afzonderlijke soa; de landelijke cijfers zijn afkomstig van het RIVM.3,5,6,7

Alle leeftijden

In 2016 bijna 300 soa-consulten van inwoners van Rijswijk bij het Centrum Seksuele Gezondheid

In 2016 zijn door het Centrum Seksuele Gezondheid (CSG) GGD Haaglanden 274 soa-consulten uitgevoerd bij inwoners uit Rijswijk.6

Bijna de helft van de bezoekers is vrouw, een derde mannen die seks hebben met mannen (MSM) en minder dan een kwart is een heteroseksuele man. Vergeleken met Zuid-Holland West, Haaglanden en landelijk zijn er minder consulten bij heteroseksuele mannen uit Rijswijk (tabel 1).3

Tabel 1. Achtergrondkenmerken van bezoekers van Centra Seksuele Gezondheid (%). Rijswijk, Zuid-Holland West, Haaglanden en Nederland, 2016.
Rijswijk_4.3_Soa_T1.png

Vooral jonge vrouwen, jonge heteroseksuele mannen en oudere MSM hebben een consult bij het CSG

De jongste bezoeker was 16 jaar, 41% is jonger dan 25 jaar (tabel 1). Van de vrouwen is 60% jonger dan 25 jaar, van de heteroseksuele mannen 40% en van de MSM 15%. Van de MSM is 37% 45 jaar en ouder, veel meer dan bij de vrouwen (3%) en heteroseksuele mannen (9%). Het percentage bezoekers dat jonger is dan 25 jaar is in Rijswijk lager dan dat in Zuid-Holland West, Haaglanden en landelijk.

Bijna zes op de tien bezoekers (58%) is van Nederlandse afkomst, iets lager dan in Zuid-Holland West en landelijk maar vergelijkbaar met Haaglanden (tabel 1).

Aantal consulten bij MSM stijgt

Ten opzichte van 2015 is het aantal consulten in 2016 gestegen met 13%.7 In Zuid-Holland West is het aantal consulten gestegen met 4%, evenals in Haaglanden (6%) en landelijk (5%). In de periode 2013-2016 varieerde het aantal soa-consulten tussen 242 en 284 (figuur 1). Tussen 2015 en 2016 is in Rijswijk een forse toename te zien in het aantal consulten bij MSM en een kleine toename bij de vrouwen en ook een afname bij heteroseksuele mannen. De stijging in het aantal consulten bij MSM was ook in Zuid-Holland West, Haaglanden en landelijk te zien.

Figuur 1. Aantal soa-consulten van bezoekers uit Rijswijk aan het Centrum Seksuele Gezondheid Haaglanden, naar geslacht en seksuele voorkeur. Rijswijk, 2013-2016.
Rijswijk_4.3_Soa_F1.png

Bij een op de zes consulten wordt een soa gevonden

In 2016 is bij 16,1% van de soa consulten minimaal één Big Five soa (chlamydia, gonorroe, syfilis, hiv of hepatitis B) gediagnosticeerd. Dit is iets lager dan de vindpercentages in Zuid-Holland West (17,7%), Haaglanden (17,1%) en landelijk (18,4%). In Rijswijk zijn er weinig verschillen in de vindpercentages tussen de diverse categorieën bezoekers. Landelijk is het vindpercentage bij vrouwen lager dan bij heteroseksuele mannen en bij MSM; het vindpercentage is hoger bij bezoekers onder de 25 jaar en van niet-Nederlandse afkomst, vergeleken met bezoekers van 25 jaar en ouder, respectievelijk van Nederlandse afkomst.  

Het percentage consulten waarbij een soa wordt gediagnosticeerd is in Rijswijk toegenomen ten opzichte van 2015 (13,6%). Dit beeld wordt ook landelijk gezien (2015: 17,2%).

Chlamydia is de meest gestelde diagnose

De diagnose chlamydia is in 2016 in 12,9% van de soa-consulten gesteld (landelijk: 14,5%). Chlamydia is daarmee in Rijswijk maar ook landelijk de meest gestelde diagnose bij zowel heteroseksuele mannen, MSM als vrouwen. In 2015 was het vindpercentage 10,0%.

Gonorroe is bij 2,6% van de soa-consulten gevonden (landelijk: 4,3%). Gonorroe komt veel meer voor bij MSM dan bij heteroseksuele mannen en bij vrouwen. In 2015 was het vindpercentage 3,7%.

Syfilis, hiv en hepatitis B werden weinig of niet gediagnosticeerd bij bezoekers uit Rijswijk.

 

  1. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Seksueel overdraagbare aandoeningen [Online]. (bezocht op 19 feb 2018); Beschikbaar op URL:  https://www.rivm.nl/Onderwerpen/S/Seksueel_overdraagbare_aandoeningen
  2. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Volksgezondheid en Zorg. Oorzaken van soa [Online]. (bezocht op 19 feb 2018); Beschikbaar op URL: https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/soa/cijfers-context/totaal#node-oorzaken-van-soa
  3. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Sexually transmitted infections including HIV, in the Netherlands in 2016; RIVM Rapport 2017-0003. Bilthoven; 2017.
  4. Soa Aids Nederland. Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg [Online]. (bezocht op 22 feb 2018); Beschikbaar op URL: https://www.soaaids.nl/nl/professionals/interventies/structurele-interventies/aanvullende-seksuele-gezondheidszorg
  5. GGD Haaglanden, Centrum Seksuele Gezondheid. Klik hier voor meer informatie: https://www.seksuelegezondheidhaaglanden.nl/
  6. L. van der, Smid, N. GGD Haaglanden, Centrum Seksuele Gezondheid. Jaarverslag 2016. Den Haag: juli 2017.
  7. Leeuwen-Voerman, S. van, Keetman, M. , Spoormaker, R. GGD Haaglanden, Regionaal soa centrum Den Haag. Jaarverslag 2015. Den Haag: december 2016.
Deel dit artikel
Print dit artikel
Abonneer je op de RSS feed
Download meerdere kernboodschappen en publicaties

Over dit onderwerp

Seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) zijn infectieziekten die meestal overgedragen worden door onbeschermd seksueel contact. Soa leiden niet altijd tot klachten maar onbehandelde soa kunnen ernstige complicaties veroorzaken, zoals onvruchtbaarheid bij vrouwen.1 De belangrijkste soa worden de Big Five soa genoemd: chlamydia, gonorroe, syfilis, hiv en hepatitis B. Risicogroepen voor het krijgen van soa zijn vooral personen die relatief vaak onbeschermd seksueel contact hebben, zoals mannen die seks hebben met mannen (MSM), jongeren (onder de 25 jaar) en bepaalde bevolkingsgroepen van niet-Nederlandse afkomst, vooral van Surinaamse en Antilliaanse/Arubaanse afkomst.2

Voor vragen over seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) en het uitvoeren van een soa-test kunnen mensen terecht bij hun huisarts. Degenen die behoren tot een risicogroep voor soa kunnen ook terecht bij één van de regionale Centra Seksuele Gezondheid (CSG). Gegevens over soa in Nederland zijn vooral gebaseerd op de registratie van soa-consulten binnen het landelijk netwerk van de CSG’s. Deze registratie geeft een indicatie van het vóórkomen van soa, maar is niet volledig omdat in Nederland naar schatting 65% van de soa-consulten wordt uitgevoerd door huisartsen.3 Door een begrenzing van de vergoedingsregeling in 2015 en een inperking van het aantal risicogroepen dat terecht kan bij het CSG is de samenstelling van de groep die het CSG bezoekt, gewijzigd. Dit heeft invloed op trends in deze soa-registratie.4