Gezondheidsmonitor
4 Lichamelijke gezondheid.svg

Deze tekst beschrijft de aantallen en kenmerken van de bezoekers van het Centrum Seksuele Gezondheid (CSG) GGD Haaglanden afkomstig uit Midden-Delfland en de gegevens van een aantal afzonderlijke soa; de landelijke cijfers zijn afkomstig van het RIVM.3,5,6,7

Alle leeftijden

In 2016 51 soa-consulten van inwoners van Midden-Delfland bij het Centrum Seksuele Gezondheid

In 2016 zijn door het Centrum Seksuele Gezondheid (CSG) GGD Haaglanden 51 soa-consulten uitgevoerd bij inwoners uit Midden-Delfland.6

Bijna de helft van de bezoekers (45%) is een vrouw. In Zuid-Holland West is 40% van de bezoekers een vrouw, 31% een heteroseksuele man en 29% mannen die seks hebben met mannen (MSM).

Vooral jonge vrouwen hebben een consult bij het CSG

De jongste bezoeker was 18 jaar, meer dan de helft (59%) is jonger dan 25 jaar. Van de vrouwen is 74% jonger dan 25 jaar, vergelijkbaar met Zuid-Holland West. In Zuid-Holland West, Haaglanden en landelijk zijn MSM gemiddeld ouder dan vrouwen en heteroseksuele mannen.  

De meeste bezoekers (84%) zijn van Nederlandse afkomst, in Zuid-Holland West en landelijk is dat lager namelijk 68%.

Aantal consulten stijgt

Ten opzichte van 2015 is het aantal consulten in 2016 ongeveer gelijk gebleven.7 In Zuid-Holland West is het aantal consulten gestegen met 4%, evenals in Haaglanden (6%) en landelijk (5%). In de periode 2013-2016 varieerde het aantal soa-consulten tussen 51 en 67 (figuur 1).

Figuur 1. Aantal soa-consulten van bezoekers uit Midden-Delfland aan het Centrum Seksuele Gezondheid Haaglanden, naar geslacht en seksuele voorkeur. Midden-Delfland, 2013-2016.
MD_4.3_Soa_F1.png

Alleen chlamydia gediagnosticeerd

In 2016 is bij vijf soa consulten minimaal één Big Five soa (chlamydia, gonorroe, syfilis, hiv of hepatitis B) gediagnosticeerd. In alle vijf gevallen betrof het chlamydia; gonorroe, syfilis, hiv en hepatitis B zijn niet gediagnosticeerd. De vindpercentages van minimaal één Big Five soa in Zuid-Holland West, Haaglanden en landelijk zijn respectievelijk 17,7%, 17,1% en 18,4%.

In 2015 is bij 11 van de 54 consulten een soa gediagnosticeerd in Midden-Delfland; alle 11 chlamydia. Landelijk is er sprake van een stijging (2015: 17,2%). Chlamydia is landelijk de meest gestelde diagnose.

  1. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Seksueel overdraagbare aandoeningen [Online]. (bezocht op 19 feb 2018); Beschikbaar op URL:  https://www.rivm.nl/Onderwerpen/S/Seksueel_overdraagbare_aandoeningen
  2. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Volksgezondheid en Zorg. Oorzaken van soa [Online]. (bezocht op 19 feb 2018); Beschikbaar op URL: https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/soa/cijfers-context/totaal#node-oorzaken-van-soa
  3. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Sexually transmitted infections including HIV, in the Netherlands in 2016; RIVM Rapport 2017-0003. Bilthoven; 2017.
  4. Soa Aids Nederland. Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg [Online]. (bezocht op 22 feb 2018); Beschikbaar op URL: https://www.soaaids.nl/nl/professionals/interventies/structurele-interventies/aanvullende-seksuele-gezondheidszorg
  5. GGD Haaglanden, Centrum Seksuele Gezondheid. Klik hier voor meer informatie: https://www.seksuelegezondheidhaaglanden.nl/
  6. L. van der, Smid, N. GGD Haaglanden, Centrum Seksuele Gezondheid. Jaarverslag 2016. Den Haag: juli 2017.
  7. Leeuwen-Voerman, S. van, Keetman, M. , Spoormaker, R. GGD Haaglanden, Regionaal soa centrum Den Haag. Jaarverslag 2015. Den Haag: december 2016.
Deel dit artikel
Print dit artikel
Abonneer je op de RSS feed
Download meerdere kernboodschappen en publicaties

Over dit onderwerp

Seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) zijn infectieziekten die meestal overgedragen worden door onbeschermd seksueel contact. Soa leiden niet altijd tot klachten maar onbehandelde soa kunnen ernstige complicaties veroorzaken, zoals onvruchtbaarheid bij vrouwen.1 De belangrijkste soa worden de Big Five soa genoemd: chlamydia, gonorroe, syfilis, hiv en hepatitis B. Risicogroepen voor het krijgen van soa zijn vooral personen die relatief vaak onbeschermd seksueel contact hebben, zoals mannen die seks hebben met mannen (MSM), jongeren (onder de 25 jaar) en bepaalde bevolkingsgroepen van niet-Nederlandse afkomst, vooral van Surinaamse en Antilliaanse/Arubaanse afkomst.2

Voor vragen over seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) en het uitvoeren van een soa-test kunnen mensen terecht bij hun huisarts. Degenen die behoren tot een risicogroep voor soa kunnen ook terecht bij één van de regionale Centra Seksuele Gezondheid (CSG). Gegevens over soa in Nederland zijn vooral gebaseerd op de registratie van soa-consulten binnen het landelijk netwerk van de CSG’s. Deze registratie geeft een indicatie van het vóórkomen van soa, maar is niet volledig omdat in Nederland naar schatting 65% van de soa-consulten wordt uitgevoerd door huisartsen.3 Door een begrenzing van de vergoedingsregeling in 2015 en een inperking van het aantal risicogroepen dat terecht kan bij het CSG is de samenstelling van de groep die het CSG bezoekt, gewijzigd. Dit heeft invloed op trends in deze soa-registratie.4