Gezondheidsmonitor
8 Leefstijl.svg

Deze tekst beschrijft in hoeverre inwoners van Den Haag bewegen en sporten. Deze informatie is gebaseerd op de Gezondheidsenquête 2016 (19 jaar en ouder) en de Jongerenenquête 2015 (12 tot en met 18 jaar).

Volwassenen en ouderen (19 jaar en ouder)

Zes op de tien inwoners Den Haag voldoen aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen

Zes op de tien inwoners van Den Haag (van 19 jaar en ouder) bewegen voldoende, uitgaande van de Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGB).4 Dit blijkt uit de Gezondheidsenquête 2016. Onder 65-plussers is er een stijging tussen 2008 en 2016 van het percentage dat voldoet aan de NNGB.

Tabel 1. Percentage inwoners (19 jaar en ouder) dat voldoet aan de NNGB. Den Haag 2008-2016.
DH_8.1_Beweging_T1.png

Relatief minder inwoners van Den Haag voldoen aan de Combinorm dan in Nederland

Het percentage inwoners van Den Haag dat aan de NNGB voldoet, is vergelijkbaar met de G4-steden, maar is lager dan Haaglanden en Nederland.4

In totaal voldoet 21% van de inwoners van Den Haag aan de Fitnorm. Dit is lager dan in Haaglanden en Nederland. Ook het percentage inwoners dat aan de Combinorm voldoet is in Den Haag lager dan in Haaglanden en Nederland (tabel 2).

Tabel 2. Percentage inwoners (19 jaar en ouder) dat voldoet aan de NNGB, Fitnorm en Combinorm. Den Haag, G4, Haaglanden en Nederland, 2016.
DH_8.1_Beweging_T2.png
  • G4

De helft van de inwoners van Den Haag sport minimaal één keer per week

Naast het voldoen aan de verschillende normen is in de Gezondheidsenquête 2016 ook gevraagd naar sporten. In Den Haag sport 50% van de inwoners van 19 jaar en ouder minimaal 1 keer per week. Dit percentage is lager dan in de G4-steden (tabel 3).4

Tabel 3. Percentage inwoners (19 jaar en ouder) dat minimaal 1 keer per week sport. Den Haag, G4, Haaglanden en Nederland, 2016.
DH_8.1_Beweging_T3.png
  • G4

Verhoudingsgewijs minder inwoners met een lage sociaaleconomische status bewegen voldoende

Zowel bij inwoners uit Den Haag met een lager opleidingsniveau als met een lager inkomen voldoet een kleiner percentage aan de NNGB in vergelijking met inwoners met een hogere sociaaleconomische status (tabel 4).4 Hetzelfde geldt voor inwoners die inwoners moeite hebben met financieel rondkomen ten opzichte van degenen die dat niet hebben.

Ook bij inwoners met een niet-westerse afkomst is het percentage dat voldoende beweegt lager

Op het gebied van bewegen bestaan verschillen tussen inwoners naar etnische afkomst en leeftijd. Zo bewegen inwoners van Den Haag van een autochtone of overig westerse afkomst meer dan inwoners van niet-westerse afkomst. Bij de uitsplitsing naar leeftijd is te zien dat 50- tot en met 74-jarigen relatief vaak aan de NNGB voldoen. Bij inwoners van de jongste leeftijdsgroepen (19 tot en met 49 jaar) en de oudste leeftijdsgroep (85 jaar en ouder) beweegt een kleiner percentage voldoende.

Uitsplitsing naar stadsdelen laat ten slotte zien dat meer inwoners van de stadsdelen Segbroek (73%) en Scheveningen (70%) voldoen aan de NNGB. In Escamp (53%) en Centrum (55%) voldoen juist minder inwoners aan de NNGB. Het percentage dat voldoet aan de NNGB ligt hoger in de wijken zonder achterstand dan in de wijken met achterstand.

Tabel 4. Percentage inwoners (19 jaar en ouder) dat voldoet aan de NNGB, naar achtergrondkenmerken. Den Haag 2016.
DH_8.1_Beweging_T4.png
  • Etnische afkomst
  • Opleiding
  • Huishoudinkomen
  • Wijk

Jongeren (12 tot en met 18 jaar)

Dertien procent van de jongeren voldoet aan de NNGB

Uit de Jongerenenquête 2015 blijkt dat bijna negen op de tien jongeren in Den Haag niet voldoen aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen.5 Dit is evenveel als in Haaglanden. Voor kinderen en jongeren is de NNGB elke dag minimaal een uur bewegen. In deze jongerenenquête is ook voor 18-jarigen uitgegaan van een uur per dag (in tegenstelling tot een half uur). Het percentage meisjes dat niet aan de NNGB voldoet is hoger dan bij jongens (tabel 3).

Tabel 5. Percentage jongeren (12 tot en met 18 jaar) dat niet voldoet aan de NNGB, naar achtergrondkenmerken. Den Haag en Haaglanden, 2015.
DH_8.1_Beweging_T5.png
  • Etnische afkomst
  • Wijk

 

  1. Bewegen. [Online]. (bezocht op 3 aug 2017); Beschikbaar op URL: http://www.hartstichting.nl/gezond-leven/bewegen. Verkregen op 3 augustus 2017
  2. Wendel-Vos GCW, Ooijendijk WTM, Baal van PHM, Storm I, Vijgen SMC, Jans M, et al. Kosteneffectiviteit en gezondheidswinst van behalen beleidsdoelen bewegen en overgewicht. Onderbouwing Nationaal Actieplan Sport en Bewegen. Bilthoven: RIVM; 2005.
  3. De Gezondheidsraad. Beweegrichtlijnen 2017. publicatienr. 2017/08. Den Haag; D2017. [Online]. (bezocht op 20 sept 2017); ); https://www.gezondheidsraad.nl/nl/taak-werkwijze/werkterrein/preventie/beweegrichtlijnen-2017
  4. Klik hier voor meer informatie over de Gezondheidsenquête 2016.
  5. Klik hier voor meer informatie over de Jongerenenquête 2015.

 

Deel dit artikel
Print dit artikel
Abonneer je op de RSS feed
Download meerdere kernboodschappen en publicaties

Over dit onderwerp

Voldoende bewegen heeft een gunstig effect op de fysieke gezondheid. Door voldoende te bewegen wordt eerder een gezond gewicht bereikt en behouden en stijgt het goede cholesterolgehalte.1 Onvoldoende beweging resulteert in een grotere kans op hart- en vaatziekten, suikerziekte (diabetes mellitus), osteoporose en dikke darmkanker.2

De Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGB) stelt dat voor het onderhouden van de gezondheid volwassenen van 18 tot en met 55 jaar ten minste vijf dagen en het liefst alle dagen van de week minimaal 30 minuten matig intensief lichamelijk actief zijn. Voor ouderen (55 jaar en ouder) geldt dezelfde norm, maar met een lager intensiteitsniveau. Voor kinderen en jongeren (4 tot en met 17 jaar) is deze norm iets hoger: dagelijks één uur matig intensieve lichamelijke activiteit. Naast de NNGB zijn ook de Fitnorm (ten minste drie keer per week minimaal 20 minuten zwaar intensieve activiteit) en de Combinorm (of iemand aan de NNGB en/of de Fitnorm voldoet) richtlijnen om te bepalen of iemand voldoende beweegt.

Op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) evalueerde de Commissie Beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad deze bestaande beweegnormen en kwam in augustus 2017 met een nieuwe beweegrichtlijn. Volgens de nieuwe beweegrichtlijnen zouden volwassenen wekelijks ten minste 2,5 uur matig intensief moeten bewegen en kinderen dagelijks minstens een uur.3 De cijfers die hieronder worden beschreven hebben betrekking op de NNGB, Fitnorm en Combinorm, aangezien ten tijde van het uitvoeren van de Gezondheidsenquête 2016 er over deze nieuwe beweegrichtlijn nog niet gepubliceerd was.